RSS feed
2019

Maandag 11 juni 2012, blogpost van Jaap

Rieti 11 juni –  Giro Circa

Cinquanta

Deze kan in de boeken als een echte koninginnerit. 150 km waarvan we er 70 hebben geklommen. Zelfs de koninginnerit van vorig jaar over de Susten en de Oberalp was niet zo zwaar, al had die net iets meer hoogtemeters. Alsof dat nog niet genoeg is begint de dag met een koude wind en dikke regendruppels. Onze hotelbaas verhoogt de vreugde nog wat met boze blikken en verwijten als we te vroeg het minimale ontbijtzaaltje (-hoekje meer) in willen. Zo snel mogelijk weg hier, we moeten nog zo lang. Iedereen is nog goedgemutst, ondanks weer en veel tegenwind, iets teveel zelfvertrouwen op gedaan gister.

De eerste klim begint na Foligno, een behoorlijk steil stuk. Net als Cornelis opgelucht roept “we hebben het steilste stuk gehad” is de weg opgebroken. Er lijkt iets van een wegomlegging te zijn maar we raken hopeloos de weg kwijt. Het mismoedige gevoel van vorig jaar tijdens onze Povlakte rit komt over ons, toen we eindeloos klauterden met fiets aan de hand om een tunnel te vermijden, waar we een uur later toch doorheen moesten. Via een steil oplopende olijfbomengaard klauteren we nu een weg in uitvoering op, die leidt naar, jawel, een tunnel in aanbouw. We bukken onder een brug door, ken net, en stuiten op wat werklieden die ons voor gek uitmaken, “Pericoloso!”. Maar toch pakt een van hen de auto om ons een weg uit de ellende te wijzen. Eindelijk weer op de gewone weg, vals plat op en neer. Andre voegt zich weer bij ons nadat een fietsenmaker zijn krakende crankstel lijkt te hebben gemaakt. Veel mannen willen na 30 km al aan de koffie, maar Peter is onverbiddelijk, nog 20 km door naar Sellano. Aan de voet van de kerk laten we ons de capucho’s en torta’s goed smaken. Het begint te regenen, afdalen in onze regenjekkies, een bekend beeld van twee jaar geleden.

Door naar de volgende klim, het is al half twaalf. Die zou niet veel erger moeten zijn dan de eerste en zelfs wat korter. Maar het profiel bedriegt ons vorstelijk. We moeten een paar keer heel hard omhoog, dan weer dalen en dan weer omhoog. Onno neemt traditiegetrouw de leiding om die na een paar km weer af te staan. Fred zit stuk maar vecht zich er doorheen. We beginnen rustig samen, een heel stuk achter Noud, Cornelis en Peter die Onno met stevige pas  achtervolgen. We laten ze gaan, benen sparen, we moeten straks echt nog eens omhoog. Dat gaat goed totdat Onno door de anderen wordt ingehaald en Fred en ik hem in het vizier krijgen. Daar gaat mn olifant weer, tegen beter weten in. Fred laat me gaan, maar geeft uiteindelijk niet veel toe. Ik kom tot bij de groep, waar Cornelis hard aan de boom schudt en ons pijn doet. Boven wachten we iedereen op. Joost heeft er lol in, de eerste keer echt klimmen en het gaat hem heel goed af. “Heren, zo dadelijk moeten we nog eens 400 mtr omhoog” kondigt Peter aan. Klap in ons gezicht, hadden we vergeten of verdrongen. Eindeloos lijkt dit stuk, steeds weer omhoog, de benen krijgen geen rust. Weer rammelt Cornelis erop los, op een verzoek of het ietsje zachter kan, antwoordt hij dat het gewoon lekker gaat. Ik kan het tempo steeds minder goed bijhouden, maar Fred bijt zich er doorheen en ik wil ook niet loslaten. De zadelpijn dringt zich naar de voorgrond van mijn bewustzijn. Boven kunnen we Cok niet vinden, hij blijkt 7 km verder te staan met de lunch, in Monteleone. Nog weer verder, leeggefietst en met de zwaarste klim nog voor de boeg. Lunch om kwart voor drie, ik duw apatisch eten naar binnnen omdat het moet. Langzaam druppelen de anderen binnen, allemaal behoorlijk uitgewoond. Mijn brein begint verhalen te verzinnen waarom die laatste klim niet meer hoeft. De zadelpijn is niet te harden, kramp in mn buik van de inspanning. Maar iets in me vecht terug, zo kan dat natuurlijk niet. Hup, op die fiets en trappen!

We stappen op, Daan gaat in de bus en de rest behoorlijk versleten en met trillende poten op hun carossen. 10 km naar Leonessa, vals plat en tegen de wind in maken we nauwelijks vaart. We zijn stil, ieder vecht zijn eigen mentale strijd. Bij Leonessa nemen Maurits en Joris afscheid, zijn gaan om de berg heen. Ook nog wat klimmen maar niet de volle laag.

De rest zet door, we draaien rechts omhoog en zien een groot bord: Treminillo Chiuso.  De pas is gesloten, we mogen niet omhoog. In een flits draaien de mentale frames “ik voelde met net zo sterk” zeg ik. Vrolijk teleurgesteld na zoveel overmacht maken we aanstalten terug te fietsen als een auto de berg afkomt, zichtbaar een ploegwagen van een wieler ploeg. “E chiuso?” “No, aperto, maar fredda e piove”. Koud en regen, maar niet dicht. De Giro Sotto Venti-tTe is er eerder gefinished vanmiddag. De breinen moeten weer schakelen, wat, wel open? En jonge pikkies onder de 23 zijn er al op geweest? Dan moet de Giro van rond de vijftig, Giro Circa Cinquanta er ook over. Maar ik voelde me belabberd, of was ik nou goed, hoe moet dit nou?

Onno maakt zich uit de voeten, elke winst aan het begin is meegenomen. Noud, Cornelis, Peter en Fred gaan erachteraan, maar ik laat ze gaan. Het is nog 1000 mtr omhoog, nog 15 km klimmen. Buikkrampen en zadelpijn claimen beurtelings mijn aandacht. Na 5 km komt daar een pijnlijke pees onder mn knie bij. Nog twee km verder en mn nek begint te zeuren. Maar doodgaan is er vandaag niet bij. Fred heeft zich hervonden op zijn allerslechtste dag, maar van Cornelis is het beste eraf. Ik haal hem in maar hij pikt niet aan. Dan Onno die vorstelijk, maar langzamer doorbeukt. Alleen nog Fred, Noud en Peter voor me. Als het steiler wordt laat Peter de andere twee los. Ik kom drie keer aan zn wiel en drie keer rijdt hij weer weg, wat een vechtersjas. De vierde keer kan ik hem voorbij. Nog 7 km. Voor me zie ik Noud wegrijden bij Fred. En zo rijden we naar boven, steeds 200 mtr ertussen, aan een elastiek. Kouder wordt het, boven de bomen giert een koude wind. Ineens is daar de top met Cok en Daan die me toeschreeuwen, ik pers er voor hen nog een sprint uit op de pedalen. We schuilen achter de bus tegen de wind, de wolken ontfermen zich over ons en het uitzicht. Peter, Onno en Andre komen aan en tenslotte doemt Joost op uit de mist. De eerste Col die hij ooit heeft gereden en wat voor een!

Met extra truitjes en jekkies aan laten we ons om kwart voor zeven aan de andere kant naar beneden vallen. Snoeiharde wind tegen, een graad of 5 schat ik. Een koninginne afdaling, eindeloos maar door en langzaam ietsje warmer. Zo denderen we Rieti in,  met 50 km/u een lange rechte weg af, tussen steeds drukker verkeer. De laatste snokken wilskracht. We hebben het weer geflikt, ondanks alle obstakels, letterlijk, de fysieke en mentale slag zit erop. Weer een koninginnerit voor in het boekje, eentje die er zijn mag.

Include some pictures of your customer as well
valentinoSkills Required for a Blooming Career in Fashion Photography
Plus Size Clothing Without Stress
woolrich second hand Thanks in advance for the advice

Plus Size Clothing Without Stress
woolrich unisex parka Thanks in advance for the advice