RSS feed
2019

13 juni, Jaap serveert, door Fred

Tijdens ons noodzakelijke verblijf in Tromsö was er gelukkig Roland Garros. Er werd gebroken, gesmasht en vooral geserveerd. Prachtig geserveerd. Ik kom daar straks op terug, dat serveren. Het is niet de bedoeling u als lezer te vervelen met weer een lofdicht op de heerlijkheden van Noorwegen boven de poolcirkel. Maar heremenijnlief wat is het mooi! Vierentwintig uur per dag beschenen prachtlandschappen. Het eiland Kvalöya bleek een bescheiden ouverture. Na Botnhamn begon de triomftocht over Senja. We slingerden langs de oceaan alsof het de Rivièra was. De prachtreeks van Oyfjorden, Megforden, Ersfjorden en – vooral – Bergsfjorden was Big, Beautiful and Bright as heaven, omdat het grootse toch vaak Amerikaans aandoet. Na 1000 x elkaar bevestigd te hebben hoe mooi het was, hoe eindeloos dit maar doorging waren we nog dronken van indrukken alweer bij het bootje van Gryllefjord aangekomen. Een nonplace, met scharrelsupermarkt en dito vakantievolk. We posteerden wij zelfbewust ons voor de auto’s. Een man in sporttenue inspecteerde ons van top tot teen. Verbazing?, Bewondering? Verachting? Hij liep vijf meter verder, draaide zich om en begon opnieuw aan zijn tamelijk schaamteloze oculaire inspectie. Wij kleumend en wachtend tot de boot zijn bek zou openen. Rare plekken, die veerhavens. Na eindeloos manouvreren opende de boot zich. Erop. Eenmaal gezeten in het ‘geen gezicht 1970- interieur zaten we verwachtingsvol klaar voor de Atlantische belofte. Walvissen, orca’s of iets van dien aard. Behalve die ene persoon die aan boord enige gelijkenis vertoonde, in een al te smal tricot gestoken, was er buitenboord niets te zien, de oceaan gaf niets prijs. Eindeloos ver reikend het water, tot aan het ijs van de Noordpool. Veel golfjes, een lichte deining, maar geen beest te zien. Zelfs een zeehond of bruinvis was ons niet gegund. Langzaam deinden wij in een oceaanroes. Ineens beweging. De haven. Bij Andenes zie je de brede haven, .waar buiten kleine eilandjes liggen met vogelgarnituur – eidereenden, Noordse sterns, aalscholvers, meeuwen, veel meeuwen. Het heuse stadje zelf zou zo maar in Alaska hebben kunnen liggen. Kaal, kleurig, met ruwe, besneeuwde bergtoppen op de achtergrond. Weinig groen. Na het afmeren fietsen wij over een lange weg door een landschap van toendra-achtige kwaliteit: nauwelijks begroeiing, meertjes, en donkere aarde. De kroon op de dag is ons pensioen aan het verder verlaten, poetische haventje van Kvalnesbrygge. De eigenaar van het complex – ‘it’s pleasure and my hobby’- kwam in een helderwitte Saab uit 1964 aangereden. Trots, perfect opgepoetst als zijn fraaie automobiel. Wij waren inmiddels vooral verkocht aan de omgeving, het uitzichtpunt. Wat een zicht op de tegenover liggende kust, de bergen, het water, de bootjes, de rotsen, enfin; op alles wat kust geliefd maakt. Na zo’n dag hunker je naar een stevig maal. De in de lokale COÖP van Andenes aangeschafte producten verwerkte ik een een in zeer eenvoudige variant van de in huize Schoorl fameuze pastasaus. Op basis van het wat merkwaardige assortiment uit de supermarkt. zo greep ik een pasta van Barilla. Barilla, hier? Het bleek een ‘glutenvrij’ product te zijn, op basis van mais en rijst. Koken is improviseren. En ik had nog de saus! Die saus, mensen, was – in alle bescheidenheid – ondanks de beperkingen toch goed en geurig, smeuiig zelfs, met een schitterende Italiaanse kleur, die wonderwel kleurde bij de eerste glutenvrije pasta die ik bereidde. Jaap had zich met opvallend gemak bij mijn kokkerellen neergelegd. Hij wierp zich op als kelner, dekte de tafel en bepaalde zich tot serveren. De twee borden gingen met een opvallende souplesse naar ons raamtafeltje, met uitzicht op de haven. Vanuit de keuken miste ik net het cruciale tafereel, maar de verhalen gaan dat de souplesse zich versterkte in een opvallend fraaie serveerbeweging richting de tafel. De elegante zwier had een onbedoeld effect, zoals wel vaker met serveren (ook op Roland Garros). Langzaam kwam de roodwitte massa in beweging. Met een fraaie maar niet te stoppen vertraging gleed de maaltijd van het bord over de tafel. Alsof de pasta spontaan wilde vluchten. Zelden is in Kvalsbrygge zo genoten van de bediening. De andere gasten lachten besmuikt. Het fraaie Scandinavische hout van de tafel kleurde feestelijk rood en wit. Wie goed keek zag met de strakblauwe lucht  van buiten een Hollands tafereel in rood wit en blauw. Fraai geserveerd, treffend geplaatst. Met een inderhaast aangevoerde pollepel werd de nog dampende massa teruggeplaatst. New balls, please!